Onderzoeken

Proefschrift Ouderbetrokkenheid bij LOB in het HAVO in Nederland

19 december 2018
Proefschrift Annemarie Oomen, University of Derby, UK

Deze studie onderzoekt de betrokkenheid van de ouders van HAVO-scholieren bij loopbaanoriëntatie en -begeleiding (LOB). De onderstaande samenvatting is samengesteld door Annemarie Oomen. De studie is gebaseerd op een secundaire analyse van bestaande gegevens van een onderzoeksproject waarbij Annemarie Oomen betrokken was. Dit eerste onderzoek evalueerde de impact van een loopbaaninterventie, 'Ouders aan Zet', waarin zes decanen vier opeenvolgende sessies gaven op hun school voor de ouder(s) vergezeld door hun kind in het derde of vijfde/laatste jaar. 

Voor wie?

Het onderzoek is zowel voor het wetenschappelijk veld als voor LOB-begeleiders in de praktijk belangrijk. Voorbeelden van interventies waarbij ouders betrokken zijn in LOB zijn beperkt, schaars onderzocht en de meeste interventies blijven niet voortbestaan, wat zou kunnen verklaren waarom de kennis over het betrekken van ouders bij LOB onderontwikkeld is.

Focus 

In de studie bespreekt Annemarie Oomen deze leemten in het huidige wetenschappelijk bewijs, door een overzicht te geven van de literatuur over ouderlijke invloeden en rollen in de ontwikkeling van hun kind, een internationale inventaris van en een taxonomie voor schoolgebaseerde loopbaaninterventies waarbij ouders betrokken zijn, en het verstrekken van relevante kennis over ouderbetrokkenheid in het onderwijs in het algemeen. Vervolgens presenteert zij een nieuwe analyse van de gegevens die zijn verzameld in een eerdere evaluatie van de interventie 'Ouders aan Zet'. Haar  secundaire analyse benadert deze gegevens met nieuwe onderzoeksvragen, diepgaande analyses en een niet-parametrische methodologie. Oomen integreerde de kwantitatieve en kwalitatieve resultaten om te begrijpen wie betrokken was bij de interventie, waarom, en of de impact verschilde voor het leren van ouders met en zonder hoger onderwijs kwalificaties. Hierbij probeerde Oomen ook de rol van de school in de interventie te begrijpen.

Bevindingen

De bevindingen suggereren dat een door de school geïnitieerde loopbaaninterventie waarbij ouders betrokken zijn in de vorm van familie leren en gemeenschapsinteractie, de capaciteit van ouders om betrokken te zijn bij en te ondersteunen bij de loopbaanontwikkeling van hun kind kan opbouwen en verbeteren: hun kennis en vaardigheden, hun ouderlijk self-efficacy en hun definitie van de ouderlijke rol. De interventie werkt echter anders voor ouders die zelf geen ervaring hebben met hoger onderwijs in vergelijking met ouders die dat niet hebben Lager opgeleide ouders lijken zich minder bewust van de gevolgen van vroege onderwijsbeslissingen (profiel-keuze) in de loopbaan van hun kind. Zij verschillen ook in hun behoeften om betrokken te zijn bij de LOB: hun eigen behoeften preveleert boven de behoeften om hun kind te kunnen helpen of steunen. Ondanks de impact van de loopbaaninterventie op hun oudercapaciteit, blijven lager opgeleide ouders onzeker als ouder over het gebruik van de opgedane informatie, begeleiding en ondersteuningsinstrumenten.
De informatie en ondersteuningsbehoeften van ouders van derdejaars (14-16-jarigen) leerlingen zijn het grootst in vergelijking met vijfdejaars. Ook staan zij open voor het veranderen van hun houding om hun kind autonomie te geven bij het beheren van hun eigen loopbaanontwikkeling.

De studie vindt ook dat kenmerken van het huidige schoolsysteem een grote belemmering vormen voor het ondersteunen en betrekken van ouders in LOB door een interventie die verder gaat dan de traditionele informatieavond(en). Aanbevelingen voor beleid en praktijk op schoolniveau worden aangeboden. Een meer gericht overheidsbeleid om ouders bij LOB op middelbare scholen te betrekken kan zowel de efficiëntie van het onderwijssysteem verbeteren als sociale ongelijkheid bestrijden.

Meer informatie

Download het complete proefschrift: Parental involvement in career education and guidance in senior general secondary schools in the Netherlands’. PhD thesis. University of Derby, Derby UK.  

 

Annemarie Oomen, a.oomen@outlook.com

 
Top